Moeten de waterschappen opgeheven worden?

Een ding weten we zeker. “De waterschappen zijn niet sexy,” zei iemand me onlangs. Klopt. De meeste mensen staan tamelijk onverschillig tegenover waterschapsverkiezingen. Het helpt ook niet als de bestuurders volslagen anoniem zijn.

Vorige maand pikte Dagblad Tubantia mijn persbericht op en kopte “Herbert uit Hengelo doet mee aan de verkiezingen om waterschap af te schaffen.” Ik stuurde een appje aan redacteur Gerben Kuitert. “Het is niet mijn missie om de waterschappen af te schaffen. Wel om te moderniseren.” Mijn missie voor deze verkiezingen is het milieu: een 100% schoon milieu. Niet het afschaffen van de waterschappen.

Mijn visie daarentegen is dat een waterschap geen gekozen bestuurslaag meer heeft, maar gewoon een managementteam met aan het hoofd de waterschapsdirecteur. “Ja die mag je nog steeds, dijkgraaf noemen.” Ik pleit voor transparantie. De Open Waterschappen noem ik dat. Een politiek bestuur, waar is dat voor nodig? En hoe komt het dat het waterschap een gesloten conservatief bolwerk is?

Het zogenaamd democratisch gekozen bestuur van het Waterschap is in feite helemaal niet zo democratisch. In het geval van Vechtstromen bestaat het bestuur uit twintig te kiezen zetels. Eén van de zetels probeer ik met Lijst 8 te bemachtigen op woensdag 20 maart. Daarnaast zijn er de zeven zogeheten geborgde zetels, drie voor de boeren, drie voor de bedrijven en één voor de natuurorganisaties. Niet echt democratisch want diezelfde belangengroepen mogen ook als burger stemmen op een kandidaat bij de verkiezingen. Op die manier hebben ze dus twee stemmen. Tel daarbij op dat de traditionele achterban beter gemotiveerd is om hun stem uit te brengen. Zo blijft het dus een conservatief bolwerk dat zich zelf in stand houdt en geen belang heeft bij pottenkijkers, laat staan bij milieubewuste stedelingen.Lijst 8 is het enige alternatief met een duidelijke milieuvisie (‘Pro-Earth’). De overige deelnemers: drie christelijke partijen, twee ouderenpartijen, twee burgerpartijen en de VVD. Tijd voor andere Waterschappen.

Kortom, het huidige bestuur is niet echt een representatieve vertegenwoordiging van de gemiddelde belastingbetaler. Men denkt vanuit belangen, zelfs de burgerpartijen doen dat. Ik vind dat men moet denken vanuit idealen en doelstellingen. De beste oplossingen zijn simpelweg die oplossingen die het beste zijn voor mens en milieu. Keuzes mogen ten hoogste beperkt worden door wat financieel en technisch haalbaar is maar niet langer door traditionele belangen.

Het gaat niet om het afschaffen van het waterschap, integendeel. De waterschappen zijn positieve en gewaardeerde werkmaatschappijen met een grote traditie en deskundigheid. Intensievere samenwerking met kennisinstellingen en innovatieve bedrijven kan ertoe leiden dat de waterschappen niet langer alleen het waterbeheer in Nederland doen, maar ook een grote rol spelen bij de export van Nederlandse milieu- en watertechnologie.

De waterschappen mogen nooit geprivatiseerd worden, want dan bepalen aandeelhouders de keuzes. Dus valt er iets te zeggen voor de publieke zaak en de verbinding met bijvoorbeeld de provincie. Vaak zegt men dat het niet kan, omdat er stroomgebieden zijn die dwars door provincies lopen. Maar waar houden stroomgebieden op en waar beginnen ze? De Vecht en de Dinkel stromen vanuit Duitsland ons land binnen. Dat gebied zou dus ook bij Vechtstromen kunnen horen.

Wat lost beleid en financiering per provincie op? Meer bureaucratie is niet nodig. Dan kom je uit bij het idee dat de waterschappen een eigen ministerie worden: het Ministerie van Waterschappen.

Facebooktwitteryoutubeinstagram